2. Wat daarna gebeurde

“Wij beginnen een school voor speciaal onderwijs en we willen graag gebruik maken van jouw expertise.” Het waren woorden van gelijke strekking die Unitdirecteur Ron gebruikte en waarop ik aansloeg. Met 8 jaar ervaring in cluster 2 onderwijs, kon ik me er wel iets bij voorstellen. We hadden een deal. 

Hoewel ik nu het proces ernstig versimplificeer, kwam ik een maand of twee later met een koffer en twee poezen in een mandje aan op Flamingo-Airport waar Bas van de autoverhuur geduldig op me wachtte. Het laatste deel van de reis had Insell Air (ook wel Cancel Air genoemd) haar bijnaam eer aan gedaan en dus had ik met enige vertraging de vlucht tussen Curaçao en Bonaire met Divi Divi afgelegd. Maar Bas was goud en ook Louise – In wiens appartementencomplex ik voorlopig mijn intrek zou nemen – maakte dat ik me zeer welkom voelde. Met nog een kleine maand vakantie lachte de toekomst me toe. Mijn verscheepte spullen zouden met een week of drie komen. Dat zou dan erg veel sneller zijn dan de laatste keer toen ik door de orkaan bijna een half jaar in onzekerheid bleef of ik überhaupt iets zou terugzien van mijn spullen. Het werden uiteindelijk 10 weken.

Toen mijn spullen er eindelijk waren was een aantal dingen duidelijk: 

  • Bonaire is minder complex dan Sint Maarten als het gaat om het regelen van praktische zaken als inschrijving, bankrekening, verzekering en dergelijke;
  • Ik was niet meer van plan het appartementencomplex van Louise te verlaten;
  • De onderwaterwereld in Bonaire is prachtig;
  • Het verhaal over speciaal onderwijs was bullshit.

Dit laatste verdient wat toelichting. Al bij de rondleiding op de eerste dag bleek dat het de bedoeling was om speciaal onderwijs te geven in een bijgebouw met bijzonder weinig faciliteiten. Ok, er werd internet geregeld, maar er waren geen boeken, geen computers en geen toiletten. Er was wel alarm. Veel en vaak. Er was niet nagedacht over methodes, beleid, visie of indicatiestelling voor leerlingen. De aangemelde leerlingen waren bijna letterlijk de onhandelbare types van het praktijkonderwijs ernaast die over de schutting waren gegooid. Samen met de (naar eigen zeggen) ervaren Shanarda, een collega basisonderwijs en een volstrekt onervaren pas afgestudeerde student filosofie mochten we helemaal zelf bedenken hoe we zo’n 40 leerlingen de dag door zouden laten komen. En, zoals unitdirecteur Ron zei: “Als je Googlet dan vind je genoeg om mee les te geven en je kunt printen op ons kantoor.” (looproute zo’n 500 meter).

Toen de teamleider er na een paar weken mee stopte en Ron het lumineuze idee had om Shanarda teamleider te maken, ben ik in allerijl verplaatst naar de reguliere praktijkafdeling, omdat ondertussen heel helder was dat zij en ik geen goede combi waren. 

Bij de praktijk heb ik me heel vaak afgevraagd waarom ik ook alweer in het onderwijs wilde, omdat ik met een doelstelling geformuleerd als: “Probeer ze gewoon in het lokaal te houden.” niet echt uit de voeten kan. Gelukkig mocht ik snel daarna werken bij de mbo-afdeling van de school.

Word vervolgd

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *